woensdag 1 juli 2009

Sociaal

Enkele aanvullingen bij het lijstje ‘dingen die niet lukken’ : De handomdraai waarmee ik met Widgetbox een stukje code op een website kan plaatsen is een slag in het water.
Lijstjes maken op Zoeken.bibliotheek lukt. Maar ik kan ze niet, zoals mijn collega ‘wasikmaar23’, op mijn blog plaatsen. En een schermafbeelding importeren is te zielig. Konikzemaaralle23!
Ik moet het hele My Discoveriesverhaal nog eens herlezen want ook importeren vanuit Librarything gaat niet.

Ik las de samenvatting van het artikel ‘Zoeken in de catalogus: tien trends’ en ik las ook de reacties op het artikel. Een zeker Patrick Vanhoucke schrijft ‘Ik wil geen klaagzang aanheffen, maar wij - bibliotheken - kunnen het tempo van wat technologisch haalbaar is niet volgen’. Waarop hij de verschilllende redenen opnoemt waardoor dit niet kan.
Toen er ernstig over gedacht werd vliegtuigen uit te vinden waren er mensen die beweerden dat deze nooit bruikbaar zouden zijn. Het menselijk lichaam kon nooit de druk als gevolg van de fabelachtige snelheden, weerstaan.
Dit bleek evengoed een misrekening als het verhaal van de koeien die geen melk meer produceerden zolang de stoomtrein lang hun weide passeerde.
Maar dit: Ruimtereizen vinden hun beperking niet zozeer in moeilijke technologische problemen maar in het simpele feit dat de mannen in de raket water drinken. Een reis naar Mars zit er voorlopig niet in want de watervoorraad is een hinderpaal.
Hoogbouw kan technisch gezien nog uitgebreid worden. De ingenieurs zijn er, het materiaal is er. Maar de mensen die op de 140ste verdieping moeten zijn nemen de lift. Het stijgend aantal verdiepingen doet het aantal liftgebruikers toenemen (stijgen) en dus ook het aantal noodzakelijke liften. Onbeperkte hoogbouw wordt tegengehouden doordat een te groot deel van het vloeroppervlak uiteindelijk uit lift zou bestaan. Dat de mens de maat van de dingen is, is misschien niet helemaal waar, maar hij spreekt er toch een woordje in mee.
‘Computer en internet in het onderwijs’ is technisch geen probleem. Maar het personeel bestaat voor een deel uit leerkrachten, die weliswaar geen klaagzang willen aanheffen, maar die het tempo van wat technologisch haalbaar is, niet kunnen volgen.
Vervang leerkrachten door bibliotheekpersoneel, vervang personeel door gebruiker…

zaterdag 13 juni 2009

LibraryThing

Een half jaar geleden was ik begonnen wat boeken uit mijn kast toe te voegen aan mijn LibraryThingaccount maar er is meer mee te doen. Je kunt uitzoeken welke prijsbeesten er in je boekenkast liggen. Welke boeken hebben welke prijzen gewonnen, je kunt een lijst krijgen met alle personages en figuranten of locaties uit je boeken. Ik heb tientallen boeken van P.G. Wodehouse gelezen, met in de hoofdrol de onovertroffen butler ‘Jeeves’, (ondertussen gedigitaliseerd in AskJeeves) maar ik had niet kunnen raden dat de voornaam van Jeeves Reginald is. Als iemand ooit alleen uit achternaam bestaan heeft is het Jeeves.
Je kunt natuurlijk ook nagaan met wie je je voorkeuren deelt. Henthecu, Razorsoccam of Wiepie, wie zijn ze, ik weet het niet maar we lezen elkaars boeken.
“Tijdbeeld” (Nieuw: Tijdbeeld nu ook in het Nederlands!) is een lijst van lijsten. De top van de meest gelezen auteurs, de populairste boeken, de courantste tags, de meest besproken boeken…
Als je een goed boek zoekt ga even langs LibraryThing voor je de bibliotheek binnenstapt.
Als je een goed boek gelezen heb, stop het erin voor je het terugbrengt.

vrijdag 22 mei 2009

Een gezicht spreekt boekdelen.

Godfried Bomans, die in zijn leven onnoemlijk veel figuren heeft geïnterviewd, had ooit een gesprek met professor Pilsky, maankenner. Toen Bomans een vraag stelde naar de bewoonbaarheid van de maan onderbrak de professor hem. ‘Wij hebben alleen te maken met de vraag: hoe komen we er? Wat we er doen moeten als we er eenmaal zijn, daarmee bemoeit het congres zich niet. Dan moet u bij m’n broer (‘Piet’) wezen. Die zit in de kamer hiernaast.’ Het verdere gesprek met de geleerden verloopt verwarrend. (Piet: ‘Wij hebben alleen te maken met de vraag wat doen we er. Hoe we er kómen moeten, daarmee bemoeit onze afdeling zich niet. Dan moet u bij m’n broer wezen. Die zit in de kamer hiernaast.’)
Facebook laat zien dat we er wel komen. Wat we er moeten gaan doen is niet altijd duidelijk.
Op 1001 manieren kan je jezelf ondertussen bekend maken, met een weblog of met een sociaal netwerk, mailen, foto’s en documenten plaatsen, vrienden maken, uitnodigen en delen, chatten, samenwerken, groepen vormen. Het groeiend aanbod wordt zo groot dat ook de overlapping groeit.
Facebook was de eerste applicatie waarmee ik kennismaakte. Niet toevallig, want het is een van de populairste. Toen ik bezig was met het ontdekken ervan starte 23dingen.be en voor we het wisten maakten we een weblog met een eerste profiel, schreven we berichten, die we deelden, plaatsten we foto’s en documenten, maakten we meer profielen, werkten we samen, vormden we groepen, deelden we muziek…en konden we ondervinden hoezeer al die dingen mekaar voor een groot stuk overlappen.
Zoals deze laatste alinea de vorige overlapt.
Als een bibliotheek een nieuwsbrief en een weblog, een degelijke website met de nodig links en een weblog heeft, is het dan nog nodig dat ze twittert? Is facebook dan een meerwaarde?
Ik zou denken van niet. Maar ik ben een buitenstaander die geen ervaring heeft met bibliotheekwerk.
Ik ben echter niet alleen een buitenstaander: ik heb tientallen jaren ervaring als klant. Die klant denkt: hou het eenvoudig en overzichtelijk. De facebookpagina van de bibliotheek permeke is verwarrend wat o.a. ligt aan de layout van facebook maar ook de inhoud doet mij niet vermoeden dat ik daar interessante dingen zal te weten komen die ik via de rustige en overzichtelijke website niet zou vinden.
Ik lees de nieuwsbrief van Locus en volg regelmatig een link die mij interesseert. Ik weet mijn weg naar de website van Locus. Ik heb, als gebruiker, geen behoefte aan Locus op facebook. Schrijven is schrappen.
Een groot deel van het backoffice bibliotheekwerk, de opmaak van de catalogus, de indeling van het gebouw en de plaatsing van de materialen, de ontsluiting in het algemeen, heeft het doel voor ogen: eenvoud en overzicht. Een pijltje hier, een bordje daar. Vriendelijk personeel. In de meeste bibliotheken is dat ook zo. Laat de bibliothecaris thuis in een rommelhok wonen, in de bibliotheek is het helder en staat alles op zijn plaats.

zaterdag 16 mei 2009

Schaakmat!

Een mooi voorbeeld van exponentieel denken gaf ons Sessa ebn Daher een vijftiental eeuwen geleden. Het verhaal las ik voor de eerste keer (ook ongeveer een vijftiental eeuwen geleden) in 'Jongens en Wetenschap' en is nu terug te vinden in zijn opvolger, Wikipedia.

vrijdag 15 mei 2009

Zeventiende en een halve

Champagne. Het is mij gelukt om de RSSblokjes te doen werken. Een frustratie minder. Maar hoe heb ik het uiteindelijk gedaan...?

donderdag 14 mei 2009

Gonna Change My Way Of Thinking


Ik kan mij, als buitenstaander, niet veel voorstellen bij Deezer en bibliotheken. Behalve misschien dat Deezer e.a. er met de audiovisule afdeling vandoor gaan…
Bibliotheek2.0, “Omdat de wereld verandert.”
Het is geen vertrouwde vooroorlogse lineaire verandering maar een valse, verrassende exponentiële verandering. Als er iedere wéék een auto bijkomt in de file dan is dat vervelend maar je weet waar je aan toe bent. De grafiek is rechtlijnig.
Wanneer er ieder jààr een procent auto’s bijkomen in de file dan merk je dat de aanvankelijk niet. Na een tijd gaat het grafiekje ‘ineens’ stijl naar boven en dan merk je het wel!
Wat geldt voor het aantal auto’s in de file, (de uitvinding van het wiel), geldt ook voor informatie, voor ‘de nieuwe mogelijkheden’. De beschikbare informatie in de middeleeuwen verdubbelde na, laat ons zeggen 400 jaar. (‘laat ons zeggen’ ontslaat mij ervan een bron op te geven.) Generaties volgden mekaar op zonder iets te merken. Rond de jaren 1900, laat ons zeggen, zal dat maar een dertigtal jaren geweest zijn. Ontdekkingsreizen, stoommachines brachten het besef ‘dat de wereld verandert’. De ontdekking van het generatieconflict.
De eerste computers zorgden ervoor dat, laat ons zeggen, in de jaren ’50 alleen al, de hoeveelheid kennis en informatie een paar keer verdubbelde. Dokters werden specialisten, vliegtuigen evolueerden naar ruimtetuigen en voor we het wisten waren we op de maan.
Misschien kunnen we stilaan zeggen dat in deze tijd onze mogelijkheden en informatie na een paar jaar, bijvoorbeeld, verdubbelen. Platen worden dvd’s worden abstracte digitale deeltjes van de internetcloud. Een gele briefkaart bereikt na een paar seconden de bestemmeling. Specialisten clusteren in specialistenteams om nog enigszins een overzicht op hun vakgebied te houden terwijl de politie gebruik maakt van ruimtetuigen om een overzicht op de file te hebben.
Komt er dan een tijd dat we na een week verdubbelen? En wat de week erna? En de volg…aaaargh…

dinsdag 5 mei 2009

Broadcast yourself

Een paar maanden geleden was gaan snuffelen op YouTube (ge-hoort-daar-zoveel-over-wat-is-dat-eigenlijk). Waarop ik uitkwam op een oneindig aanbod van grappige, zielige, spannende, griezelige, ontroerende, informatieve filmpjes. Lang en kort, goede en slechte kwaliteit dooreen. Verleidelijk! Ik hou van muziek, van kleinkunst-die-nu-nergens-meer-te-vinden-is, van Britse humor, van Nederlands cabaret, van de Amerikaanse slapstick: Comedy Capers, the Keystone Cops, Ben Turpin… nooit meer op tv vertoond en op geen dvd te vinden… De eerste filmpjes van Walt Disney, de eerste aflevering van Popeye… Erfgoed! Dat ligt daar voor ’t grijpen.
Ik besefte dat ik nóg twee levens nodig had. Om er wat structuur in te brengen heb ik een account aangemaakt en mij ‘geabonneerd’ op een aantal ‘channels’, waaronder BlackadderChannel. Vandaar dat het personnage in het bibliotheekfilmpje overeenkomst vertoont met Blackadder, maar het is hem niet echt.




Ik kan er moeilijk over oordelen wat YouTube voor bibliotheken kan betekenen. Mensen die via YouTube de weg vinden naar BibKortrijkChannel, moeten die nog met een filmpje wegwijs gemaakt worden over het on-line verlengen van hun boeken? Het zal zichzelf uitwijzen. Zullen er foto’s van de boekenweek op Flickr gezet worden wanneer er filmpjes op YouTube (en andere) te zien zijn?
Dat de - inderdaad licht verteerbare - Father Roderick blij is met Web2.0 dat gun ik hem. Hij stelt het wel simplistisch voor als dé oplossing voor het eenrichtingsverkeer. Blijkbaar was voor de komst van 2.0 alles eenrichtingsverkeer. De school met de meester op zijn trede, de bibliotheek waar je moest zwijgen en rap je boeken meenemen en zijn eigen kerkje waar hij op de preekstoel de gelovigen toesprak. Er zijn altijd meesters van hun trede gekomen en pastoors van hun preekstoel afgedaald. En er zijn altijd bibliotecarissen2.0 geweest.